Dag lieve Charles

God beest, wat heb je een hoop meegemaakt. Toen we je voor het eerst zagen had je nog maar een halve staart en een lamme achterpoot. Wat er met je gebeurd was wist niemand. Je was, meer dood dan levend, bij het asiel gebracht en ze hebben er alles aan gedaan om je te redden.

Toch was je toen al de allerliefste kat die we ooit hadden gezien, opgesloten in een hokje in het asiel, kap nog om je hoofd, amper bijgekomen van de operatie (en hetgeen wat er dan ook met je gebeurd was in de boze buitenwereld) en toch kwam je naar ons (voor jou toen nog 2 wildvreemden) toe om te kroelen.

Wij hoefden er geen seconde meer over na te denken. Charlie ging met ons mee naar huis. In het begin was je wat schuw maar dat veranderde al snel, zeker voor Deem. Zij was jouw allerbeste vriendin en jij nog veel meer haar allergrootste vriend. Waar zij was ging jij en als ze verdrietig was was jij de eerste die haar ging troosten.

Later moest je poot alsnog geamputeerd worden maar dat hield je niet tegen om alles te doen wat je wilde. Vorig jaar had je een bijna dodelijke blaasontsteking, dus moesten we je naar een meisje laten ombouwen. Maar ook daar kwam je weer bovenop.

En nu… ik kan het nog niet bevatten. Gisterenavond lag je nog gezellig bij ons, vanmorgen was je doodziek en vlogen we naar de dierenarts. Anderhalf uur later werden we gebeld. Deze keer had je het niet gered.

Bye Charles, je was voor ons de allerbeste, allerliefste en allermooiste.

Roept u maar!

Post Navigation